Missie, ondersteuningsvisie en kernwaarden vzw Eindelijk, Projecten NAH

Het VN-verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap van 2006 geeft aan hoe noodzakelijk het is om personen met een handicap volwaardig mens te laten zijn:

Personen met een handicap zijn personen met langdurige fysieke, mentale, intellectuele of zintuiglijke beperkingen die hen in wisselwerking met diverse drempels kunnen beletten volledig, effectief en op voet van gelijkheid met anderen te participeren in de samenleving.

Doel van dit verdrag is het volledige genot door alle personen met een handicap van alle mensenrechten en fundamentele vrijheden op voet van gelijkheid te bevorderen, beschermen en waarborgen, en ook de eerbiediging van hun inherente waardigheid te bevorderen.

De missie van vzw Eindelijk, Projecten NAH sluit hier volledig bij aan: het bewerkstelligen van een volwaardig burgerschap voor personen met een niet-aangeboren hersenletsel, waarbij de kwaliteit van het leven centraal staat.

Volwaardig burgerschap houdt in dat personen met een handicap gezien worden als volwaardige burgers van onze maatschappij. Zij hebben recht op een eigen woonst, een kwaliteitsvol bestaan, regie van eigen leven en de nodige ondersteuning om deze rechten te kunnen nastreven.

Vanuit de kennis van de problematiek van NAH heeft onze organisatie een eigen toonaangevende visie uitgewerkt om deze missie te kunnen nastreven. Ze stelt ten aanzien van onze doelgroep volgende doelstellingen voorop:

  • Regie van eigen leven

Elke persoon met een niet-aangeboren hersenletsel (en uitgebreid naar alle handicaps) moet zelf zijn leven richting kunnen geven. Personen die niet (volledig) in staat zijn om dit zelfstandig te doen, moeten daarin ondersteund worden op een dialooggestuurde manier, waarbij steeds op maat en vanuit de eigenheid van de persoon zelf vertrokken wordt.

  • Kwaliteit van leven centraal

Zelfontplooiing, persoonlijke groei en onafhankelijkheid zijn essentieel in het uitbouwen van een volwaardig burgerschap. De kwaliteit van het leven, in alle mogelijke aspecten, wordt nagestreefd op een ondersteunende, stimulerende, aanlerende én revaliderende wijze. Op alle niveaus van de “international classification of function” en alle levensdomeinen van Hooi op je Vork wordt gewerkt om de zelfstandigheid én zelfontplooiing te maximaliseren.

  • Inclusie in de maatschappij

Personen met een niet-aangeboren hersenletsel worden ondersteund in het opnemen van hun plaats in de maatschappij: participatie en re-integratie in de maatschappij zijn wezenlijk om tot volwaardig burgerschap te komen. Daarenboven is het net zo cruciaal om de maatschappij te leren includeren: het streven naar een samenleving waarin personen met een handicap als volwaardig aanzien worden is een noodzakelijke voorwaarde om tot een volwaardige inclusie te komen.

  • Netwerkbegeleiding + het bevorderen van sociale contacten

Niet alleen de cliënt werd zwaar getroffen door het hersenletsel, ook zijn familie en netwerk lijdt. Vandaar dat ook zij onze zorg, begeleiding en respect verdienen. Onze familie- en netwerkbegeleiding heeft enerzijds als doel de draaglast van de families te verminderen en het haalbaar te maken of te houden dat ofwel hun familielid met een NAH thuis verblijft ofwel zelfstandig kan wonen. Daarnaast trachten we, zowel voor de cliënten zelf als voor hun familie of netwerk de sociale contacten bevorderen, zodat zij niet in een sociaal isolement terecht komen.

Anderzijds beogen we het verhogen van de draagkracht van de families en het netwerk door counseling en door psycho-educatie.

  • Aanpak afgestemd op de specificiteit van de doelgroep én op de opgebouwde ‘know how’/ expertise.

Vertrekken vanuit het oogpunt van de persoon met een niet-aangeboren hersenletsel is essentieel. De specificiteit én complexiteit van deze doelgroep is onmiskenbaar. Niet alleen worden de cliënten met een variëteit aan beperkingen geconfronteerd, maar ook met een breuklijn tussen het leven vóór en het leven nà het hersenletsel. Onze organisatie heeft hier de voorbije 20 jaar een unieke expertise en knowhow in opgebouwd. Deze willen wij blijven ontwikkelen in de toekomst, om de personen met een NAH nóg beter en innoverend te kunnen ondersteunen in alle levensdomeinen.

De gehele zorgverlening vertrekt vanuit de volgende kernwaarden:

  • Verbondenheid

Verbondenheid is wat een mens ‘mens’ maakt. De zorgverlening is gekenmerkt door een grond van vertrouwen, echtheid en door een open, eerlijke en aangepaste communicatie. Samenwerking met verschillende partijen, maar ook verdraagzaamheid, betrokkenheid en solidariteit naar elkaar toe leiden tot een harmonieuze samenleving (binnen de organisatie, maar ook daarbuiten).

  • Kwaliteitsvolle zorg en deskundigheid

Kwaliteitsvolle zorg, gebaseerd op deskundigheid en expertise, is essentieel om tot volwaardig burgerschap te komen. Innovatie en creativiteit zijn hier onlosmakelijk mee verbonden.

  • Authenticiteit en integriteit

Onontbeerlijk is enerzijds het respect voor de eigenheid van de cliënt, (1.3). zonder hem te discrimineren op vlak van sociale status, etnische afkomst, seksuele geaardheid, politieke, godsdienstige of ideologische overtuiging, mentaal niveau, gedrag of attitudes. Anderzijds is er ook het respect voor de problematiek van NAH met de daaraan gekoppelde stoornissen, handicaps en beperkingen én evenzeer met respect voor de resterende mogelijkheden en gericht op een maximale zelfontplooiing.

  • Veiligheid en stabiliteit

Personen met een niet-aangeboren hersenletsel hebben nood aan geborgenheid, betrokkenheid en vertrouwen. Om dit te bekomen is duurzaamheid, duidelijkheid, ordelijkheid en structuur essentieel in de zorgverlening.

  • Autonomie

Het volledige zorgverleningsconcept vertrekt vanuit de autonomie, de zelfstandigheid van de cliënt. Het (leren) zelf opnemen van zijn verantwoordelijkheid en het streven naar een maximale onafhankelijkheid zijn de kern van de ondersteuning.

  • Cliëntgerichtheid

De cliënt staat centraal. Empathie, flexibiliteit, geduld en hulpvaardigheid zijn vanzelfsprekend in de zorgverlening.

Geschreven referentiekader

De realisatie van deze waarden wordt in de praktijk gegarandeerd door volgend referentiekader:

Verbondenheid

  • Verbondenheid ontstaat pas als er een cultuur in de organisatie is opgebouwd, waar cliënten en hun families sterk betrokken worden in zowel de individuele zorgverlening als in de algemene organisatie.
  • De betrokkenheid van de individuele cliënt wordt gerealiseerd door regelmatig overleg met de cliënt en zijn familie, door het permanent bevragen van zijn behoeften, wensen, noden en tevredenheid, door het correct afhandelen van klachten en door het planmatig en methodisch uitwerken van een zorgverleningsplan. Hiertoe is interne communicatie en overleg noodzakelijk. De belangrijkste spilfiguur in de communicatie met de cliënt/familie is de trajectbegeleider.
  • Deze trajectbegeleider is een vertrouwenspersoon, waarbij zowel de cliënt als familie terecht kan met alle mogelijke vragen, opmerkingen en zorgen. Vertrouwen is hierbij een essentieel gegeven.
  • Daarnaast krijgen de cliënten in de dagelijkse gespreksgroepen de kans om hun opmerkingen, vragen, suggesties, ideeën te formuleren. Deze worden via de briefing besproken en waar haalbaar of wenselijk gerealiseerd door het team. Deze informatie wordt steeds doorgegeven aan het netwerk via het online platform “Zorgonline”.
  • Tevens is het gebruikersoverleg een collectieve overlegvorm waarbij de vertegenwoordigers van cliënten/families betrokken worden bij de kwaliteitsvolle uitbouw van de organisatie. Seizoenscafé’s zorgen voor het lotgenotencontact, zowel tussen cliënten als hun familie/netwerk.
  • Betrokkenheid en verbondenheid impliceert echter ook een afstemmen van de communicatie op de eigenheid van de cliënt / familie. Deze afstemming gebeurt door een online communicatieplatform “Zorgonline” en/of mogelijke alternatieven, door op vraag van de cliënt samen administratieve formaliteiten of vragenlijsten in te vullen, door in een individueel gesprek of in de gespreksgroep een aangepast (eenvoudig) taalgebruik te hanteren, door het toepassen van ‘totaalcommunicatie’ met klankinductie, letters spellen, woorden of zinnen schrijven of gebaren maken (vb duim omhoog of omlaag)of gebruik van foto’s bij personen met afasie, door herhalingen, notities, reminders bij personen met geheugenproblemen.
  • Verdraagzaamheid ten opzichte van elkaar en onderling begrip is een basisvoorwaarde in onze organisatie. Om dit te faciliteren worden op zeer regelmatige basis getuigenissen georganiseerd naast individuele én gezamenlijke coachinggesprekken én worden projecten rond communicatie en sociale vaardigheden opgezet.
  • De cultuur die heerst in onze organisatie zorgt voor een onderlinge solidariteit en hulpvaardigheid. Niet alleen medewerkers, maar ook cliënten helpen elkaar onderling. Zowel tijdens activiteiten en therapiemomenten in het dagcentrum Eindelijk als in het woonproject ’t Eigennest speelt solidariteit een cruciale rol. Er wordt een solidaire ‘samen-leving’ gecreëerd binnen de organisatie. Aan tafel ondersteunen en helpen cliënten elkaar, vb. eten voor een mede-cliënt halen,  het vlees snijden,… Even langsgaan in een andere zorgflat, samen koken, naar de winkel gaan,…  zijn slechts enkele voorbeelden van onderlinge solidariteit die binnen onze cultuur passen.
  • Inclusie in de maatschappij is een pijler van onze visie die perfect aansluit bij de kernwaarde ‘verbondenheid’. Deelnemen aan sportinitiatieven, cultuuruitstappen, marktbezoek, … zijn een evidentie. Buurtvervlechting is daarom essentieel en wordt in 2019 verder uitgewerkt, zodat cliënten én de Buggenhoutenaren zich goed voelen bij elkaar en een perfecte integratie mogelijk maakt.

Kwaliteitsvolle zorg en deskundigheid

  • Vertrekken vanuit de problematiek van personen met een niet-aangeboren hersenletsel is de basis om de kwaliteit van zorg te garanderen.
  • Een basisvorming “NAH” is essentieel. Bij de start van een nieuwe medewerker in de organisatie wordt een opleidingsprogramma opgestart waarbij de kennis over niet-aangeboren hersenletsels op punt wordt gesteld. Jaarlijks worden ook enkele steeds terugkomende opleidingsmomenten voorzien (bijvoorbeeld over slikstoornissen, epilepsie, …). Door de twee jaarlijks georganiseerde meeleerdagen wordt de expertise gedeeld én worden de nieuw gevolgde opleidingen doorgegeven binnen het team. Deze expertise wordt ook aangeleerd aan stagiairs en vaste vrijwilligers, families en het netwerk.
  • Expertise wordt daarnaast verder ontwikkeld op de verschillende levensdomeinen waar het hersenletsel invloed op heeft: familie/netwerk, sociale vaardigheden, (begeleid) werk, enclavewerk, seksualiteit, zelfbeeld en eigenwaarde,… Therapeuten krijgen de mogelijkheid om hun expertise op deze domeinen op de werkvloer uit te bouwen en vorming en opleiding te volgen. Deze expertise wordt gedeeld zowel binnen het team als buiten de organisatie (via intervisie of infosessies).
  • Onze organisatie wil blijven innoveren in de zorg, meewerken aan wetenschappelijk onderzoek en op de hoogte blijven van de trends binnen de revalidatie van personen met een niet-aangeboren hersenletsel zijn hierbij essentieel.
  • Medewerkers blijven creativiteit hoog in het vaandel dragen, zowel in therapiemomenten als bij het zoeken naar geschikte hulpmiddelen en ondersteuningsmethodieken. NAH is een complexe doelgroep. Reeds gekende methodieken en (hulp)middelen moeten steeds aangepast worden aan de eigenheid van de cliënt zelf. En dat vergt de nodige creativiteit.
  • Binnen het centrum kiezen we voor een therapeutische aanpak op alle vlak: al onze medewerkers zijn hoog opgeleid en hebben vaak een therapeutische opleiding. Dit maakt dat therapie zich niet beperkt tot de activiteiten, maar ook in alle ADL wordt toegepast (bevorderen van zelfstandigheid). Daarnaast komt ook diagnostiek aan bod.
  • Wij kiezen ook uitdrukkelijk voor een transdisciplinaire aanpak op de werkvloer door een complementair en gevarieerd team met verschillende disciplines (ergo, logo, ortho, kiné, psycholoog) in te zetten in de dagelijkse werking. Het delen van deze expertisedomeinen onderling is een duidelijk meerwaarde voor de kwaliteitsvolle zorg, maar ook in het coachen van families en netwerk (thuiszorgdiensten, begeleid werk, …).

Authenticiteit en integriteit

  • In alle interventies en in de omgang met de cliënt en zijn familie moet er respect zijn voor hun eigenheid in al zijn aspecten. Dit is een basisvaardigheid die van elk teamlid impliciet wordt verwacht.
  • Sociale controle, open communicatie en feedback in het team (briefing, cliëntbesprekingen, werk- of evaluatievergaderingen) moeten deze respectvolle houding waarborgen. Moeilijke onderwerpen of incidenten zijn steeds bespreekbaar.
  • Teamleden verlenen mekaar inzicht en onderlinge steun in de niet altijd zo makkelijke omgang met personen met NAH en hun families.
  • Ook in het tevredenheidsonderzoek wordt bij de cliënten/families gepeild naar de respectvolle bejegening. Mogelijks kunnen verbeterpunten hieruit voortvloeien.
  • Respect hebben voor en aanvaarding van de problematiek van NAH veronderstelt enerzijds specifieke kennis van de oorzaken en gevolgen van NAH en anderzijds knowhow over de gepaste (therapeutische) aanpak van deze specifieke problematiek. Zodoende worden de mogelijkheden van de cliënt maximaal ontwikkeld. In dit kader is ons uitgeschreven zorgverleningsconcept belangrijk. Continue vorming (o.a. via workshops) en coaching van het team en van de cliënt/families is noodzakelijk.
  • Ook het respect voor de resterende mogelijkheden van de individuele cliënt, waarbij de plasticiteit van de hersenen de verdiende erkenning krijgt, maakt dat we ons kunnen richten op een maximale zelfontplooiing bij de cliënt.
  • Respect voor de privacy houdt in dat er discreet wordt omgegaan met gegevens van de cliënt. De cliëntdossiers worden via Zorgonline, een online dossierplatform (conform de wet op de privacy) bewaard.
  • Vertrouwelijke informatie en verslagen worden pas opgevraagd aan externen of opgestuurd na een schriftelijke toestemming van de cliënt/familie (Protocol van behandeling en verblijf). Dezelfde regel geldt ook voor het gebruik van foto’s en videomateriaal.
  • Zowel het personeel, als de stagiairs en vrijwilligers dienen het beroepsgeheim te respecteren. Zij worden van bij de aanwerving gewezen op de ‘Wet op de privacy’.
  • Heel in het bijzonder is de integriteit van de cliënt richtinggevend in de procedure ‘Het voorkomen van en gepast reageren op grensoverschrijdend gedrag t.a.v. cliënten’ en het respecteren van de privacy dan ook belangrijk in deze procedure.

Veiligheid en stabiliteit

  • Een niet-aangeboren hersenletsel zet het leven van een persoon, maar ook van zijn/haar familie op een zeer brute wijze op een ander spoor. Onze organisatie wil voor zowel de cliënten als hun familie en netwerk een veilige haven en een tweede thuis zijn.
  • Een overzichtelijke dagstructuur geeft duidelijkheid en structuur aan de cliënten. Binnen deze dagstructuur vinden ze de veiligheid en stabiliteit, wat essentieel is om te kunnen groeien en te kunnen leren.
  • Gedurende de tijdspanne van 1 jaar wordt met een vast, individueel bepaald therapieplan Het op maat gemaakte therapieplan, gebaseerd op hun wensen, noden en persoonlijke doelstellingen, geeft de nodige structuur in therapieën, maar ook in het contact met medecliënten en therapeuten.
  • Personen met een niet-aangeboren hersenletsel kunnen een overvloed aan prikkels minder goed filteren. Ordelijkheid van de accomodatie zorgt voor een minimalisatie aan prikkels.
  • De trajectbegeleider als vertrouwenspersoon is een belangrijke schakel die veiligheid creëert. Deze wordt ondersteund door de verschillende therapeuten en begeleiders, die de cliënten door en door kennen en in hun eigenheid erkennen en waarderen.
  • Personeel met expertise op vlak van NAH zorgt ook van bij de aanvang voor een veilig gevoel bij de families en het netwerk.

Autonomie

  • Binnen onze therapeutische visie is zelfstandigheid van de cliënt het ultieme streefdoel. Het (leren) zelf opnemen van zijn verantwoordelijkheid en het streven naar een maximale onafhankelijkheid zijn de kern van de ondersteuning.
  • We bieden, binnen een veilig kader en prikkelarme omgeving, activiteiten die ADL-gericht zijn, om de maximale omzetting naar de eigen woon- en leefsituatie te bevorderen. In ’t Eigennest wordt de cliënt ondersteund in alle dagelijkse activiteiten in de mate van het nodige. We nemen niet over, maar ondersteunen, revalideren en stimuleren de zelfontplooiing.

Cliëntgerichtheid

  • De cliënt staat centraal in de zorgverlening. De trajectbegeleider fungeert als vertrouwens- en contactpersoon en staat het dichtst bij de cliënt.
  • Tijdens de jaarlijkse cliëntgesprekken, cliëntbesprekingen en familiegesprekken worden individuele doelstellingen per jaar opgesteld, nagestreefd en geëvalueerd. Hierbij wordt het ICF-model als basis gebruikt, alsook ‘Hooi op je vork’ om de verschillende levensdomeinen verder uit te diepen en te verwerken in de doelstellingen.
  • De wensen en noden van de cliënt vormen de basis van het jaarlijks therapieplan, waarbij ook de trajectbegeleider input geeft betreffende de specifieke noden.
  • Cliëntgerichtheid vraagt van onze medewerkers de nodige empathie, flexibiliteit en geduld. Dit is dan ook een basishouding die verwacht en getoetst wordt in de sollicitatieprocedure en tijdens functioneringsgesprekken.

Vertrekpunt is de problematiek van personen met een NAH

Het vertrekpunt van de zorgverlening in Eindelijk is de problematiek van personen met een niet-aangeboren hersenletsel.

Personen met een niet-aangeboren hersenletsel (NAH) worden op het ogenblik van hun trauma plots geconfronteerd met een breuklijn in hun leven: vóór hun hersenletsel hadden zij een ‘normaal’ leven; zij stonden er midden in. Ná het hersenletsel verloopt hun leven helemaal anders, gehypothekeerd door hun beperkingen. De persoon met een NAH heeft vaak niet één, maar meerdere beperkingen opgelopen ten gevolge van het hersenletsel.

We stellen naast de voor iedereen zichtbare motorische beperkingen (spasticiteit, halfzijdige verlamming, tetraplegie, ataxie,…) ook talrijke neuropsychologische deficiten vast.

Deze neuropsychologische uitvallen zijn zeer complex en kunnen zich manifesteren op verschillende gebieden zoals de waarneming, de aandacht en het geheugen, de initiatiefname, de planning en de organisatie, de oriëntatie in tijd en ruimte, de praxie, de taal, de spraak en de communicatie, het gedrag, de emoties en de persoonlijkheid. Vaak doet zich ook epilepsie voor.

Het zijn eerder de neuropsychologische deficiten dan de motorische die de persoon met een NAH doen disfunctioneren in het dagelijks leven (bv. geheugenproblematiek, doolgedrag, ontremming, gebrek aan initiatiefname, gebrek aan ziekte-inzicht, …).

Deze beperkingen hebben voor de personen met een NAH vaak het abrupt verlies van een aantal rollen voor gevolg: zij kunnen niet meer fungeren in het onderwijs- of in het professioneel milieu; soms is het zelfs niet meer mogelijk om hun rol als partner of als ouder terug adequaat op te nemen.

Na de eerste intensieve medische zorgen en de postacute revalidatie verblijven deze personen dan ook vaak thuis. Ze raken sociaal geïsoleerd. Bovendien verliezen personen met een NAH door het gebrek aan arbeid of aan zinvolle bezigheden, vaak elk gevoel aan eigenwaarde. Zij hebben nauwelijks mogelijkheden tot zelfrealisatie en kennen zelden een succesbeleving.

De opvang van en de continue zorg voor personen met een NAH is zeer belastend voor het thuismilieu. Om het verblijf thuis voor de mantelzorg haalbaar / draagbaar te maken is de organisatie van dagopvang voor personen met een NAH noodzakelijk. Daarnaast bieden wij ook de kans aan de personen met een niet-aangeboren hersenletsel om een eigen thuis te bouwen, binnen de veiligheid en de aangepaste accommodatie van ’t Eigennest. Cliënten kunnen op deze manier hun vleugels spreiden en opnieuw deelnemen aan de maatschappij vanuit een eigen plek, een eigen nest, waar de nodige ondersteuning geboden wordt.

Gezien de complexe motorische en neuropsychologische problematiek moet zowel de dagbesteding van personen met een NAH als het wonen therapeutisch begeleid worden. Deze therapeutische begeleiding bestaat er in om de voorwaarden te scheppen waarbij de persoon met een NAH toch zelf activiteiten kan uitvoeren, waartoe hij anders zelfstandig niet in staat is.

Zorgverleningsconcept

De ondersteuningsvisie van onze organisatie wordt verder uitgebouwd binnen “het integraal zorgverleningsconcept”.

Voor dagondersteuningn woonondersteuning en MAB is een aparte uitwerking tot “specifieke zorgverleningsconcepten” essentieel, zodat eigen klemtonen op het integrale zorgverleningsconcept kunnen gelegd worden en we de zorg nog gerichter kunnen specifiëren.

Integraal zorgverleningsconcept

Regie van eigen leven

  • De trajectbegeleider ondersteunt de cliënt in het vormgeven van zijn/haar leven op maat van de cliënt. Dit gebeurt door regelmatige gesprekken tussen cliënt en trajectbegeleider.
  • Hooi op je Vork neemt een centrale plaats in als gespreksmethodiek. Zo kan de cliënt alle domeinen van zijn leven vormgeven.
  • De familie en het netwerk van de cliënt is voor de persoon met een NAH een wezenlijke partner in het richtinggeven van zijn/haar leven. Ook zij zullen door formele en informele gesprekken de cliënt kunnen ondersteunen waar nodig.
  • Daarenboven worden ook de concentrische cirkels gerespecteerd en meegenomen om de cliënt te ondersteunen waar nodig. Afstemming met thuiszorgdiensten, huisartsen, verpleegkundige diensten, PAB,… wordt als noodzakelijk beschouwd in ons concept.

Kwaliteit van leven centraal

  • Personen met een NAH ervaren na het hersenletsel vaak moeilijkheden met het opbouwen van onafhankelijkheid en zelfontplooiing.
  • Deze onafhankelijkheid willen we zo veel mogelijk nastreven door te vertrekken van alledaagse activiteiten. Zinvolle dagbesteding is zowel een doel op zich als een therapeutisch medium, waardoor we de mogelijkheden van onze cliënten kunnen observeren en in de concrete situatie therapeutisch kunnen begeleiden. We bieden de gewone dagelijkse activiteiten aan als koken, strijken, timmeren, tuinieren, sporten, creatief bezig zijn, gesprekken voeren… Door te vertrekken vanuit deze alledaagse activiteiten trachten we een appèl te doen op de vroeger opgeslagen (motorische) programma’s en probleemoplossende strategieën. We proberen de hypothesevorming en het probleemoplossend denken te stimuleren, eerder dan het stereotiep ‘trainen’ van vaardigheden en functies. Hierdoor wordt de leerbaarheid vergroot en de generalisatie bevorderd.
  • Tijdens ADL-training worden specifieke vaardigheden ingeoefend, zowel in groep als tijdens een individueel ondersteuningsmoment.
  • Daarnaast wordt door een jaarlijks grensverleggend project ook aan persoonlijke groei en zelfontplooiing gewerkt. Met elke uitdaging die de cliënt wil aangaan, hoe klein of groot ook, wordt op een ondersteunende en stimulerende manier aan de slag gegaan.

Inclusie in de maatschappij + bevorderen van sociale contacten

  • Een belangrijke voorwaarde voor maatschappelijke integratie is het goed hanteren van de regels van sociale interactie en een zo optimaal mogelijke communicatie. Vaak hebben personen met een (frontaal) hersenletsel hiermee problemen. Ze reageren te impulsief of agressief, kunnen bij een gesprek geen beurt afwachten, weten niet meer goed wat past of niet past, houden niet voldoende afstand t.o.v. iemand, zijn egocentrisch in hun perceptie en in hun gedrag, stellen grensoverschrijdend gedrag, enz. (1.4.1)
  • In het dagelijkse samenleven in onze organisatie komen deze aspecten van sociaal-emotioneel gedrag en communicatie duidelijk aan bod en zijn zelfs een bijzonder aandachtspunt in groepsactiviteiten, maar ook in ontmoetingsmomenten én individuele momenten waar expliciet aan aspecten van taal, spraak en communicatie en psychosociale vaardigheden wordt gewerkt.
  • Via onze begeleiding en ondersteuning en de ervaringen en contacten in onze organisatie wordt door vele cliënten de stap naar de buitenwereld terug gezet. Er wordt opnieuw ‘geparticipeerd’ in die maatschappij: er wordt gewinkeld, het openbaar vervoer wordt gebruikt, er wordt therapie gegeven in het gemeentelijk zwembad, in het plaatselijk wellnesscentrum, fitnesscentrum, hippocentrum of begeleid werk bij plaatselijke bedrijven. Er worden ‘integratieprojecten’ georganiseerd met leerlingen van secundaire scholen, of er worden bezoeken gepland met organisaties of met vrijwilligers. (2.1)
  • We zijn niet gehuisvest in een geïsoleerde buurt, maar wel midden in de gemeente Buggenhout met een vlotte bereikbaarheid van het openbaar vervoer, winkels, horecazaken en cultuur- sportinfrastructuur.
  • Verder hebben we een opdracht op het vlak van informatieverstrekking, sensibilisering en primaire preventie i.v.m. de problematiek van NAH. Dat is ook de reden waarom we zoveel mogelijk de media engageren, informatiesessies organiseren of projecten met jongeren uitwerken.
  • Daarnaast is het net zo cruciaal om de maatschappij te leren includeren: het streven naar een samenleving waarin personen met een beperking als volwaardig aanzien worden, is een noodzakelijke voorwaarde om tot een volwaardige inclusie te komen. Om dit te bewerkstelligen doen we aan buurtvervlechting. Dit is een methodiek om mensen met elkaar in contact te brengen en zo een warme, gezellige buurt met meer contact te creëren. Buurtvervlechting motiveert en moedigt buren aan om zorg te dragen voor elkaar, om aandacht te hebben voor elkaar. Zo wordt de buurt een plaats waar álle bewoners (samen) iets betekenen voor elkaar, omdat ze er betekenisvolle rollen opnemen.
  • Naar dagcentrum Eindelijk kunnen komen of in ’t Eigennest kunnen wonen, geeft voor heel wat cliënten terug zin aan hun leven: zij kunnen opnieuw een rol opnemen. Het biedt ook de mogelijkheid om daardoor uit hun sociaal isolement te raken. Er zijn contacten met lotgenoten en hun families, met de therapeuten, met stagiairs, vrijwilligers en bezoekers. Tijdens therapieën en activiteiten (zelfstandig of met ondersteuning) buitenshuis verplaatsen we ons naar openbare plaatsen (sporthal, fitness, cultureel centrum, winkel…).

Familie- en netwerkbegeleiding

  • De familie- en netwerkbegeleiding is uiteraard een zeer belangrijke pijler in onze werking, want niet alleen de cliënt werd zwaar getroffen door het hersenletsel, ook zijn familie en mantelzorgers lijden. Vandaar dat de familie onze zorg, begeleiding en respect verdient.
  • Onze familiebegeleiding heeft enerzijds als doel de draaglast van de families te verminderen en het haalbaar te maken of te houden dat hun familielid met een NAH thuis verblijft. Door de opvang van hun getroffen familielid in het kortverblijf of in het dagcentrum creëren we voor de familie de psychische en materiële ruimte om eens een dagje, zonder die continue aandacht en zorg, het huishouden te kunnen doen of te gaan winkelen, te gaan werken of gewoon te ontspannen, op reis te gaan …
  • Anderzijds beogen we het verhogen van de draagkracht van de families door counseling en door psycho-educatie.

We willen van de familie en het netwerk rond de cliënt echter geen therapeuten maken, maar willen wel hun inzicht in de problematiek verruimen en daardoor hun omgang met hun familielid met een NAH vergemakkelijken. Deze psycho-educatie kan gebeuren zowel door het aanbieden van informatiesessies rond de NAH-problematiek, door workshops alsook door individuele gesprekken met de cliënt / familie.

  • Concrete vragen of problemen worden geïnventariseerd en indien nodig behandeld in afzonderlijke workshops. Hierin kunnen aan de familie bepaalde technieken worden aangeleerd (bijvoorbeeld een ergonomisch verantwoorde transfer of eten geven bij slikproblemen.) en hebben we de mogelijkheid om dieper in te gaan op praktische problemen in de dagelijkse omgang met de cliënt. Tevens bieden deze familieworkshops de mogelijkheid om meer achtergrondinformatie te geven over het therapeutisch concept toegespitst op de individuele cliënt.
  • In dit kader begeleiden we ook het netwerk van mantelzorgers en de professionele thuiszorg. We hebben regelmatig contact of organiseren netwerkvergaderingen rond een cliënt.
  • Daarnaast zijn individuele (counseling)gesprekken, op momenten wanneer het moeilijk gaat, steeds mogelijk.
  • Ook gesprekken met lotgenoten kunnen zeer zinvol zijn. Onze organisatie biedt contactmogelijkheden tussen de families onderling; enerzijds omdat we activiteiten of bijeenkomsten organiseren, anderzijds omdat families van cliënten van het dagcentrum zelf instaan voor het vervoer naar het dagcentrum. Deze contacten van de families onderling hebben zowat de functie van een zelfhulpgroep.

Aanpak afgestemd op de specificiteit van de doelgroep én op de opgebouwde know how en expertise van de voorziening

  • Revalidatie bij NAH blijft een continue, levenslange opdracht, niet alleen om de resultaten van de vroegere postacute revalidatie te behouden en terugval te vermijden, maar zeker ook om gestage verbetering te realiseren. Het blijft de permanente opdracht om met de cliënten therapeutisch te werken aan hun motorische-, taal-, spraak- en communicatieproblemen, aan hun waarneming, geheugen, organisatie, planning en hypothesevorming en zeker ook aan de gedrags- en emotionele problemen. We proberen de cliënten zo zelfstandig mogelijk te laten functioneren, we proberen het maximum van hun mogelijkheden te benutten en dit alles via dagelijkse activiteiten.
  • Eindelijk staat voor een therapeutische dag- en woonondersteuning. In elke activiteit en in ‘het omgaan met’ willen we bewust een therapeutische klemtoon leggen. Daarom noemen we diegenen die naar het dagcentrum komen ‘cliënten’ (en niet ‘gasten’, ‘patiënten’, ‘gebruikers’) en het personeel dat er werkt ‘therapeuten’ (en niet ‘opvoeders’). Er is een wederzijds engagement en een gedeelde verantwoordelijkheid: we werken met beide partijen aan de restletsels en de gevolgen van het hersenletsel, we bouwen een therapeutische relatie uit.
  • De juiste therapeutische aanpak van de neuropsychologische problematiek, van het gedrag en van de emoties is van zeer groot belang. We passen o.a. principes toe vanuit de cognitieve gedragstherapie zoals structureren, visualiseren, negeren, afleiden en positief bekrachtigen, naast een empathische, respectvolle benadering en het gericht stimuleren van de communicatie en van het probleemoplossend denken.
  • Vertrekken vanuit het oogpunt van de persoon met een niet-aangeboren hersenletsel is essentieel. De specificiteit én complexiteit van deze doelgroep is onmiskenbaar. Niet alleen worden de personen met een variëteit aan beperkingen geconfronteerd. Zij worden ook geconfronteerd met een breuklijn tussen het leven vóór en het leven nà het hersenletsel. Eindelijk heeft hier de voorbije 20 jaar echte expertise en knowhow in opgebouwd. Deze willen wij blijven ontwikkelen in de toekomst, om de personen met een NAH nóg beter te kunnen ondersteunen in alle levensdomeinen.
  • We gaan ervan uit dat, omwille van de complexiteit en heterogeniteit van de doelgroep, er een specifiek therapeutisch kader nodig is. We werken volgens een eclectische inzet van therapeutische concepten en therapeutische principes die het best aansluiten bij de mogelijkheden en beperkingen van de cliënten zelf.

De verschillende teamleden beheersen de basisprincipes van de verschillende concepten. Zo garanderen we een continuïteit in onze therapeutische begeleiding. Bovendien zet iedere therapeut binnen dit therapeutisch kader vanuit zijn specifieke opleiding zijn eigen accenten en geeft hierdoor een meerwaarde aan het concept.

We geven een korte omschrijving van de verschillende concepten die aangewend worden in ons concept:

  • Affolter: via führen en het aanbieden van tactiele informatie wordt getracht zowel de motoriek als de neuropsychologische aspecten zoals bv. waarneming, hypothesevorming, planning, organisatie en taal te verbeteren.
  • Bobath: is gebaseerd op de analyse van de normale beweging en op de normale ontwikkeling. Er wordt via facilitatie gestreefd naar een optimalisatie van de beweging en een normalisatie van de tonus.
  • Coombes: principes van deze ‘facio-orale tract therapie’ (FOTT) – aanleunend bij het Bobath concept – waarbij het slikken en de mimiek centraal staan, worden toegepast bij de voorbereiding op het eten en bij de etensbegeleiding. Er wordt ook door mobilisatie van de larynx, door het stabiliseren van de tong en door tonusnormalisering van het weke verhemelte en van het hoofd-hals gebied gewerkt aan de normalisering van het spreken (fonetiek, articulatie, coördinatie van het ademen en het spreken).
  • Active reviewing: of ervaringsleren is een wijze van leren waarbij de lerende zelfzich actief engageert in het exploreren van voor hem zinvolle en relevante vragen. De lerende is deel-nemer, maakt zelf zijn proces mee, (co-)construeert samen met de begeleider en anderen in de groep, zijn referentiekaders én gedragsmogelijkheden die niet alleen momenteel maar ook in de toekomst relevant zijn om te leven in de maatschappij waarvan hij deel uit maakt (Gass, 1993).
  • Breinbreker: is een programma waarin psycho-educatie en oefeningen ter verbetering van sturings- en emotionele zelfreguleringsvaardigheden de rode draad vormen. We passen de handleiding toe die de belangrijkste ondersteuningsprincipes beschrijft en een grote hoeveelheid materialen bevat voor zowel de assessment als de ontwikkeling van cognitieve en emotionele vaardigheden.
  • Hooi op je vork: is een specifiek model voor het begeleiden van mensen met NAH. Het biedt een kader om met elkaar in gesprek te komen, zaken op een rij te plaatsen en stappen in de gewenste richting te zetten. Hooi op je vork bestaat uit twee fasen: Ontdekken (beeldvorming) en Ontwikkelen (werken met doelen). In de fase Ontdekken wordt informatie verzameld over de persoon (wie is hij, wat kan hij, wat wil hij) en over het leven (hoe was het vroeger, hoe is het nu, wat wil de persoon). In de fase Ontwikkelen worden wensen uitgewerkt in een actieplan, met concrete doelen.
  • Elke therapeut krijgt de kans om expertisedomein uit te bouwen en toe te passen op de doelgroep. Deze kennis wordt gedeeld onder collega’s én naar buitenaf uitgedragen.